Red Hat Advanced Cluster Management (RHACM): meerdere clusters vanaf één plek beheren
Eén OpenShift-cluster beheer je met oc en de console. Maar hoe beheer je er tien, honderd, of een mix van OpenShift en andere Kubernetes-clusters tegelijk? RHACM is Red Hats antwoord: een hub-and-spoke-architectuur voor multicluster-beheer.
Zodra een organisatie meer dan een handvol clusters draait — verspreid over regio's, cloudproviders, of gescheiden dev/test/productie-omgevingen — wordt het onhoudbaar om elk cluster apart te beheren. Red Hat Advanced Cluster Management for Kubernetes (RHACM) biedt daarvoor een centraal beheervlak: één plek om clusters uit te rollen, beleid af te dwingen, applicaties uit te rollen en de gezondheid van de hele vloot te bewaken.
Hub-and-spoke: het architectuurprincipe
RHACM draait op een hub cluster — een OpenShift-cluster dat zelf het RHACM-beheervlak host. Andere clusters, de managed clusters, draaien een lichtgewicht agent genaamd de Klusterlet. Cruciaal: de managed cluster initieert zelf de verbinding náár de hub, niet andersom — de hub hoeft dus nooit inkomend netwerkverkeer naar elk afzonderlijk cluster te openen, wat het model ook bruikbaar maakt over cloud- en netwerkgrenzen heen.
Wat RHACM concreet regelt
- Cluster lifecycle — nieuwe clusters uitrollen, opschalen, of tijdelijk "in slaap" zetten (hibernation) om kosten te besparen
- Policy-gestuurde governance — beleid (bijvoorbeeld verplichte resource-limieten of verboden configuraties) centraal definiëren en over alle managed clusters tegelijk afdwingen en rapporteren
- Applicatie-lifecycle — één applicatiedefinitie uitrollen naar een selectie clusters op basis van labels (bijvoorbeeld: alleen naar clusters met label
omgeving=productie) - Multicluster observability — één dashboard met de gezondheid van de volledige clustervloot, in plaats van cluster voor cluster in te loggen
Niet alleen voor OpenShift
Hoewel de hub zelf op OpenShift draait, kan RHACM ook niet-OpenShift Kubernetes-clusters beheren — waaronder EKS, AKS, GKE, en generieke, CNCF-conforme Kubernetes-distributies zoals NKP. Dat maakt het bruikbaar in bewust heterogene, multicloud-omgevingen, niet alleen binnen een zuivere Red Hat-stack. Het onderliggende mechanisme ("Import an existing cluster") werkt met elk cluster dat netwerktoegang heeft tot de hub — inclusief on-premises omgevingen, dus ook een lokaal NKP-cluster.
Een NKP- of Kubernetes-cluster importeren: stap voor stap
- Ga in de RHACM-console naar Infrastructure → Clusters → Import an existing cluster.
- Geef het cluster een naam en klik op "Save import and generate code" — RHACM genereert nu een importcommando specifiek voor dit cluster.
- Kopieer dat commando. Het bevat een tijdelijk token en verwijst naar een Secret met daarin de daadwerkelijke import-manifesten (een
klusterlet-crd.yamlen eenimport.yaml). - Log in op het NKP- of Kubernetes-cluster zelf, met
kubectl(geenocnodig — hetzelfde punt als bij het toevoegen van een cluster aan RHACS).
kubectl apply -f klusterlet-crd.yaml
kubectl apply -f import.yaml
- De Klusterlet-agent op het cluster registreert zichzelf vervolgens automatisch bij de hub. Ga terug naar de RHACM-console — het cluster verschijnt na enkele minuten met status "Ready".
Examentip: Dit importproces is functioneel identiek voor NKP, vanilla Kubernetes, EKS, AKS en GKE — er is geen apart "NKP-pad". Het enige dat per platform verschilt, is hoe je bij dat cluster inlogt (bijvoorbeeld via de Nutanix Prism-console in plaats van een cloudprovider-CLI) — het importproces zelf, ná het inloggen, is overal hetzelfde.
Eenmaal geïmporteerd, telt het NKP-cluster mee als volwaardig managed cluster: het valt onder dezelfde global-clusterset, kan doelwit zijn van dezelfde policy-automatisering (zoals de RHACS-uitrol die we bij het NKP-in-RHACS-artikel bespraken), en verschijnt gewoon naast je OpenShift-clusters in observability-dashboards.
Schalen voorbij één hub: de multicluster global hub
Voor organisaties met zeer veel clusters (waar zelfs één hub de belasting niet meer aankan) ondersteunt RHACM een extra laag: de multicluster global hub. Daarbij beheert één centrale global hub meerdere "managed hub clusters", die op hun beurt weer hun eigen groep managed clusters beheren — een hiërarchisch model in plaats van alles plat onder één hub.
RHACM en RHACS samen
RHACM en RHACS zijn complementaire, losse producten — RHACM regelt beheer en governance, RHACS regelt beveiliging. Ze kunnen wel samenwerken: via de multicluster global hub kan RHACS-beveiligingsdata van alle managed clusters gecentraliseerd verzameld en getoond worden, voor één gezamenlijk overzicht van zowel operationele gezondheid als beveiligingsstatus.
High availability: hub-uitval overleven
Omdat elke managed cluster maar met één hub tegelijk communiceert, is de hub zelf een kritiek onderdeel. RHACM ondersteunt een Active/Standby-opzet met periodieke back-ups; bij uitval van de primaire hub wordt een standby-hub hersteld en gepromoveerd — op dit moment nog een handmatige, door een beheerder geïnitieerde stap, geen automatische failover.
Examentip: Onthoud het kernonderscheid tussen RHACM en gewoon "meerdere keren oc login uitvoeren": RHACM geeft je centraal, policy-gestuurd beheer en rapportage over de hele vloot — niet zomaar makkelijker schakelen tussen clusters.